Voor deze website is het gebruik van cookies vereist, klik hier voor meer informatie. later opnieuw tonen ik ga akkoord met cookies
 
  • juf johanna
    Bezoekers:
  • zelf bankbiljet ontwerpen
  • hoe kom jij naar school?
  • rekenspelletjes op het digibord (interactive)
  • legobouwwerk natekenen en beschrijven
  • Rekenverhaaltjes.

    De juf geeft een zin. Dit is het antwoord van een verhaaltjessom. De kids verzinnen welke som erbij hoort. Natuurlijk zijn er meerdere somverhalen goed.

  • Ieder zijn tijd.

    De leerkracht geeft ieder kind een kaartje met een tijd. Ieder kind maakt een horloge en tekent daar zijn tijd op. Vervolgens krijgt ieder kind een lijst met alle namen van de kinderen uit de groep. Ieder kind gaat bij zijn klasgenoten langs en vraagt: Hoe laat is het? De klasgenoot mag niet antwoorden, maar laat alleen zijn / haar horloge zien. Wie heeft alle tijden goed?

  • Tafelwielen.

    Maak de tafelwielen zoals op de foto. Laat de kids hiermee de tafel oefenen. (je kan het eventueel ook met de klas samen maken)

  • Dobbeldoosjes.

    Stop 2 dobbelstenen in een klein doosje. Laat het kind ermee schudden. Geef er een blad bij om de 'sommen' die hij/zij schudt op te schrijven en uit te rekenen.

  • hoeveel legoblokjes weeg het?
  • rol de dobbelsteen spinnen
  • Tafelcake.

    Geef de kids ieder een halve plak cake. Laat een ieder er zoveel m en m's op leggen als de tafel die je gaat oefenen. Vervolgens kun je de kinderen de sommen laten leggen, uitrekenen. Daarna mogen ze hun eigen stuk natuurlijk opeten.

  • Wiebeltandenkriebel!

    Maak van rose papier een mond en geef er 20 plekken voor tanden en kiezen op aan. Laat de kids met dobbelstenen gooien. Het aantal gegooide punten zijn het aantal tanden dat het kind in de mond mag doen. Welke sommen kan het kind hierbij bedenken?

  • rekenlieveheersbeestjes
  • Rekenlieveheersbeestjes.

    Op de vleugels staan stippen. In het midden staat het antwoord. Voor plus, min, keersommen en buurgetallen.

  • Zoals de lieveheersbeestjes
  • optellen met dominostenen
  • kauwgomballen automaat sommen
  • zelf een weegschaal maken
  • Tafelarmbandjes.

    De kids krijgen een tafelarmbandje om van de tafel die ze nog niet kunnen onthouden.

  • Rekenmindmap.

    Maak een mindmap met het getal dat je van je juf krijgt. (bij grotere getallen kun je denken aan takken +,-, x, :)

  • Dobbelsteensommen.

    Gooi met de dobbelsteen en maak de som.

  • Meneertje 32.

    Geef ieder kind een sticker met een tafelsom (of een andere som) Iedereen noemt hem/haar in de klas alleen het antwoord van de som. bijvoorbeeld: meneertje 32 of mevrouwtje 16.

  • Welke tijd is het?

    Schrijf op de onderkanten van de eieren de tijden in woorden (of digitale tijd) en teken op de bovenkanten de klokken. 

  • Klokkijkbord.

    Met twee borden op elkaar geplakt kan een kind zelfstandig klokkijken oefenen.

  • sommen estafette (uitleg onder plaatje)
  • Splitsspel.

    Achter de foto tekst en uitleg.

  • Kikkergevecht.

    Twee kids hebben allebei een eigen kleur potlood. Ze gooien om de beurt  de dobbelstenen en tellen de ogen op. Het antwoord van de som kleuren ze in een van de kikkers. Wie heeft er een hele kikker gekleurd? Lukt het niet hele kikkers te kleuren, wie heeft dan de meeste vlakken gekleurd?

  • Help de postbode.

    Kids gooien met 2 dobbelstenen. Iedere keer als ze een getal op een brief gooien, mogen ze er een fiche op leggen. Wie heeft als eerste alle brieven bezorgt?

  • Ik wil 10!

    Twee kids zitten tegenover elkaar met een kaartspel. Ze pakken 5 kaarten in hun hand. De eerste speler vraagt een getal aan de andere speler die hij nodig heeft om een paar van 10 te maken. Lukt dit, dan mag hij nog een keer. Bij iedere foute beurt, pak je een kaart. Wie heeft er aan het eind de meeste paren?

    (er kan eventueel een blad naast liggen waar de verliefde harten op staan)

  • Beginklankkwartet.

    Print het kwartet (achter de foto) uit en lamineer het. Laat de kids hiermee de beginklanken van de woorden oefenen.

  • Sombowlen.

    Spaar een aantal kleine flesjes. Zet daar getallen op. Laat de kinderen gooien met de +bal of -bal. Zo weten ze gelijk welke som ze uit moeten rekenen. Bij de -bal geef je een getal waar ze de flesgetallen van af halen.

  • Rekenpizza.

    Reken uit welk deel salami bevat en welk deel champignon enz.

  • Rekenmonster.

    Kids pakken om de beurt een stokje en rekenen de som die erop staat uit. Als ze het goed hebben, krijgen ze het stokje. Zorg dat je niet het stokje krijgt dat zegt dat je alle stokjes weer terug moet doen!

  • Klokdomino.

    Speel domino. (domino achter plaatje)

  • Flitsen.

    Flitskaartjes zitten achter het plaatje.

  • Familie SOM huisjes.

    Laat de kids een huisje tekenen met drie getallen erin. Daaronder mogen ze zoveel mogelijk sommen bedenken met die 3 getallen.

  • Sneeuwpop rekenen.

    Achter de foto zit de beschrijving hoe de kids de sneeuwpop kunnen maken. Laat ze na het knutselen de rekensommen bij de 3 gegeven getallen bedenken.

  • dubbelsommen met spiegel
  • Dubbelsommen met spiegel.

    Maak van blingblingplakkers cijferkaarten. Laat de kids de antwoorden van de dubbelsommen nakijken met een spiegel.

  • Tellen tot 100 (met leeftijd)
  • Tanden wisselen.

    Kids tekenen hun eigen erafsommen. De tekeningen zitten achter het plaatje.

     

  • rekenkleurplaat tot 12
  • als je klok kunt kijken
  • als je klok kunt kijken

    als je klok kunt kijken

    Leg op de tafels van de leerlingen werkbladen met lege klokken. Elke keer dat het muziekje (zie onder het plaatje) stopt, gaan de leerlingen bij het dichtstbijzijnde tafeltje een klok invullen. Eerst een keer de wijzers, dan de tijd eronder, dan weer de wijzers, enz. totdat het blad vol is.

  • maak je eigen portemonnee
  • spaarvarken leuk voor bij geldrekenen
  • kleurplaten ingrediënten breukenpizza
  • Cijfervissen.

    Laat de kids hun eigen sommen bij elkaar vissen.

  • Sommenmachine.

    Maak de machine zoals achter het plaatje is weergegeven. Laat de kids hiermee de sommen oefenen die ze nog moeilijk vinden.

  • Rekenhanger.

    Hang knijpers aan een kledinghanger. Het getal dat op het papier staat, geeft het aantal knijpers aan. Nu kunnen kids zelf sommen bedenken met het aangegeven antwoord.

  • klokkijken met je armen
  • Klokkijken met je armen.

    Plak de cijfers van de klok aan een hoepel. Een kind mag de wijzers spelen en twee anderen houden de hoepel vast. Het kind in de hoepel krijgt opdrachten.

  • klokkijken met je lijf
  • Klokkijken met je lijf.'

    Op een groot laken maak je een mooie cirkel. Ook plak je met tape de cijfers van de klok erop. Dan mag een kind met zijn lijf de wijzers 'spelen'.

     

 
Add to Yurls